Financiering onderwijshuisvesting

https://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/financiering-onderwijs/huisvesting-onderwijs

Huisvesting onderwijs

Gemeenten zijn verantwoordelijk voor de huisvesting van scholen in het basisonderwijs, voortgezet onderwijs en speciaal onderwijs. Het beroepsonderwijs, de volwasseneneducatie en het hoger onderwijs zijn zelf verantwoordelijk voor hun huisvesting. Schoolgebouwen moeten ook voldoen aan verschillende huisvestingseisen. Voor vervangende nieuwbouw en renovatie van schoolgebouwen in het basis- en middelbaar onderwijs is subsidie beschikbaar.

Verantwoordelijkheid en financiering schoolgebouwen basis, middelbaar en speciaal onderwijs

Gemeenten zijn verantwoordelijk voor de huisvesting en krijgen voor de financiering hiervan elk jaar een bijdrage uit het Gemeentefonds. Schoolbesturen in het basisonderwijs, voortgezet onderwijs en speciaal onderwijs zijn verantwoordelijk voor het onderhoud van het schoolgebouw.

Subsidie voor vervangende nieuwbouw en renovatie van schoolgebouwen in basis- en middelbaar onderwijs en speciaal onderwijs

Voor vervangende nieuwbouw en renovatie van schoolgebouwen kunnen schoolbesturen subsidie ontvangen. De subsidie is bedoeld om ervoor te zorgen dat deze gebouwen voldoen aan verschillende kwaliteitseisen. Zoals:

  • een gezond binnenklimaat
  • geschikt voor inclusief onderwijs
  • duurzaam gebouwd

Het geld komt uit het Innovatieprogramma onderwijshuisvesting. Dat programma loopt van 2024 tot 2039. De overheid wil met dit programma bereiken dat kennis en ervaring over verbeterde bouwmethoden worden gedeeld. Deze kennis wordt weer gebruikt bij nieuwe projecten. Op die manier kunnen schoolgebouwen sneller worden verbouwd of herbouwd tot locaties van hoge kwaliteit. Het plan is om ongeveer 132 schoolgebouwen te vernieuwen.

Vraag subsidie aan bij DUS-i

Verantwoordelijkheid en financiering gebouwen universiteiten, hbo’s en volwasseneducatie

Universiteiten en instellingen aan het (hoger) beroepsonderwijs en de volwasseneneducatie zijn zelf verantwoordelijk voor hun huisvesting. Zij krijgen wel geld van de overheid om hun huisvesting in stand te houden. Deze instellingen moeten zich houden aan de Arbowet, het Bouwbesluit en het Gebruiksbesluit.

Eisen aan schoolgebouw

De Arbowet stelt vooral eisen aan een verantwoorde inrichting van het schoolgebouw. Het gaat dan bijvoorbeeld om regels voor:

  • het schoolterrein;
  • de veiligheid; 
  • de omgang met gevaarlijke stoffen; 
  • het binnenklimaat.

In het Bouwbesluit staan algemene regels voor de bouw en het verbouwen van een schoolgebouw. Scholen hebben ook te maken met de eisen uit het Gebruiksbesluit (brandveiligheid) en de bouwverordening van de gemeente.

https://www.bngbank.nl/magazine/Overig/Onderwijshuisvesting-moet-en-kn-beter

Huidige bekostiging

Onder het huidige stelsel zijn de schoolbesturen verantwoordelijk voor de exploitatie en het binnen- en buitenonderhoud. De gemeente is verantwoordelijk voor het realiseren van nieuwe huisvesting. Wat betreft renovatie aan schoolgebouwen is onduidelijk wie daarvoor verantwoordelijk is.


Bron: Ministerie van OCW (reguliere bekostiging), PO-Raad (algemene uitkering), DUO (schoolbesturen, leerlingen, uitgaven schoolbesturen, gebouwen), Inspectie van het Onderwijs (gebouwen) en CBS (uitgaven gemeenten). Schoolgebouwen primair en voortgezet onderwijs de praktijk gecheckt.pdf

Voor onder andere deze tekortkomingen wordt nu in het huidige huisvestingsstelsel publiek geld inefficiënt ingezet voor onderwijshuisvesting. De PO- en VO-raad en de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) hebben vorig jaar onder leiding van burgemeester Nijpels (Opmeer) de handen ineengeslagen en een gezamenlijk plan opgesteld om de knelpunten rondom renovatie van scholen weg te werken. Het plan is eind december 2016 naar staatssecretaris Dekker (Onderwijs) en de Kamer gestuurd.

Wettelijke plicht van gemeenten

De gemeente heeft de wettelijke plicht te zorgen voor een voldoende aanbod van onderwijshuisvestingsvoorzieningen van een redelijk niveau. Gemeenten ontvangen hiervoor financiële middelen in hun algemene uitkering uit het Gemeentefonds, maar ze zijn vrij die naar eigen inzicht te besteden.

Ze wegen onderwijshuisvesting daarbij af tegen hun andere taken en verantwoordelijkheden. In de onderwijswetten is bepaald dat schoolbesturen jaarlijks een aanvraag tot nieuwbouw kunnen doen bij hun gemeente. Honoreert deze de aanvraag, dan neemt ze de voorziening op in haar jaarlijkse huisvestingsprogramma en betaalt ze voor de bouw ervan.

De gemeente kan er ook voor kiezen haar middelen voor nieuwbouw en uitbreiding door te decentraliseren aan één of meer schoolbesturen, indien zij deze taak op zich willen nemen. Zij voeren de taak dan uit, maar de gemeente raakt haar wettelijke plicht niet kwijt.

Partijen maken in geval van doordecentralisatie afspraken die ze doorgaans contractueel vastleggen. Het schoolbestuur betaalt de exploitatiekosten van zijn gebouw en heeft de wettelijke plicht het gebouw behoorlijk te gebruiken en onderhouden. Het bestuur ontvangt daarvoor financiële middelen van het Ministerie van OCW, als onderdeel van de lumpsum; het vaste bedrag per leerling voor leermiddelen, materiële instandhouding en personeelskosten. Het onderhoud omvat binnen- en buitenonderhoud.

De RekenkamerSchoolgebouwen primair en voortgezet onderwijs de praktijk gecheckt stelt dat de schoolbesturen jaarlijks circa EUR 1 miljard investeren in materiële exploitatiekosten van onderwijsgebouwlees: onderhouden de gemeenten EUR 1,548 miljard voor nieuwbouw. Met andere woorden, in totaal stelt het Rijk jaarlijks EUR 2,5 miljard beschikbaar aan gemeenten en schoolbesturen voor investeringen in onderwijshuisvesting. De werkelijke uitgaven liggen in de praktijk bij de schoolbesturen overigens iets hoger, bij gemeenten iets lager. 

Wat kost een nieuw schoolgebouw?

In de VNG-modelverordening voorzieningen huisvesting onderwijs worden  normbedragen gesteld die gemeenten beschikbaar stellen voor nieuwbouw van scholen. Voor een gemiddelde nieuwe basisschool (1.300 m2) geldt in 2017 een gemiddeld normbedrag van circa EUR 1.285 per m2. Maar als rekening wordt gehouden met de eisen in het Bouwbesluit en drie kwaliteitscriteria in het onderwijs (beleving, gebruik en techniek) dan blijkt dat voor 2017 de kosten van een schoolgebouw per m2 oplopen tot boven de EUR 2.350 per m2. Zie de grafiek hieronder.